|
Frank Nobels in gesprek met uittredend voorzitter Hugo Beullens bij de opening 2009 |

email |
|
Tentoonstelling 2009
Op zaterdag 29 augustus om 19u30 opende de heer Frank Nobels, cultuurschepen van Mechelen, in het foyer van het Cultuurcentrum twee tentoonstellingen, waaronder de 114de van de Koninklijke Lucasgilde die dit jaar 123 jaar bestaat.
Hij benadrukte in zijn toespraak de bijzonder hoge kwaliteit van de tentoonstelling en drukte de wens uit dat de Lucasgilde in de toekomst steeds in het Cultuurcentrum zou kunnen/mogen tentoonstellen.
Hij sprak eveneens een dankwoord uit aan Hugo Beullens, voorzitter van de gilde die na de tentoonstelling van dit jaar ontslag neemt als voorzitter en bestuurslid.
Hugo is twaalf jaar voorzitter van de gilde geweest, en onder zijn voorzitterschap is de gilde terug volledig opgebloeid tot het zeer hoge niveau dat ze heden heeft.
Hugo liet zich omringen door een sterk bestuursteam dat prima werk heeft verricht;
Hij is echter van mening dat men niet verankerd mag zijn en tijdig de fakkel moet doorgeven aan mensen met mogelijk nieuwe ideeën.
Uiteraard blijft Hugo werkend lid van de gilde, maar hij gaat nu wat meer tijd vrijmaken voor andere dingen in het leven.
De tentoonstelling van 2009 is er een van allerhoogste kwaliteit en een streling voor het kunstminnende oog.
Na de toespraak door de heer Nobels werd de tentoonstelling bezocht in de bovenzalen van het Cultuurcentrum, en op de daaropvolgende receptie werden menige vriendschapsbanden gesmeed.
Hugo Beullens, voorzitter, hield geen toespraak gezien hij oordeelde dat het meeste reeds grotendeels gezegd werd door de cultuurschepen.
Hierna vind u de tekst van de niet gehouden toespraak van de voorzitter.
Geachte heer Schepen, Geachte dames en heren,
Hartelijk welkom op de 114de jaarlijkse salon van de Lucasgilde die dit jaar 123 jaar bestaat.
Zoals elk jaar opent de Lucasgilde met haar salon het nieuwe culturele jaar.
In 1997 werd ik op een algemene vergadering van de LG verkozen tot voorzitter en dit in navolging van John Williams die deze functie had waargenomen tot zijn overlijden. Hij was toen 21 jaar voorzitter geweest en ruim 33 jaren bestuurslid van de gilde.
Wij hebben ons toen voorgenomen om meer dan ooit tevoren het imago van de gilde op te krikken. Het imago van de Lucasgilde was toen weggegleden tot een imago van een "klassiek gezelschap", een "kringetje" waar enkel prentjes werden getoond.
De Lucasgilde was toen helemaal niet klaar voor de moderne tentoonstellingswereld van de 21ste eeuw.
Dit imago zou echter definitief moeten verdwijnen en de Lucasgilde zou klaar gestoomd worden voor de 21ste eeuw.
In 1998 zei ik reeds in mijn openingsrede : we zouden een bredere waaier van op moderne waarden geënte kunst aantrekken en dit met behoud van traditionele waarden. We zouden het image van amateurisme kwijtraken en enkel nog haast professioneel werk aanbieden.
De idee van "we zijn toch goed bezig" MOEST en ZOU er definitief uitgaan.
Op korte termijn zouden we, met inachtname van traditonele waarden, trachten meer grafisch werk, meer beeldhouwwerk en monumentale kunsten te bereiken, waardoor we op langere termijn de kwaliteit dermate de hoogte zouden kunnen insturen zodat steeds meer en meer talentrijke kunstenaars zich zouden aanbieden om mee te exposeren.
Jaar na jaar hebben we hieraan gewerkt. In 1998 openden we de tentoonstelling zelfs met een academische zitting ter gelegenheid van de publicatie van het ouvrecatalogus van Theo Blickx, aan wie we toen uiteraard ook een hommage brachten.
In 1999 gingen we nog een stap verder en trokken we een buitenstaander aan om op een faire manier een selectie te houden van de ingebrachte werken. Voor het eerst werden toen een aantal deelnemers massaal geconfronteerd met een weigering van hun werk. Ik noemde het toen in vergelijking met een voetbalploeg, spelers die op de bank zitten.
Dit alles om de zgn. spelers op de bank te overtuigen om gemotiveerd met kunst bezig te zijn en enkel nog het allerbeste aan te bieden voor de tentoonstelling of in het andere geval de eer voor zichzelf te houden.
Uiteraard hebben er toen heel wat leden afgehaakt. Anderzijds trokken we hierdoor heel was nieuwe leden aan. Nu wou men er immers "bijzijn".
In 1999 hielden we een hommage aan Geert Reussens, oud-leraar en oud-directeur van de academie, wiens werk sinds 1963 niet meer te zien was geweest in Mechelen.
In 2000 moest de tentoonstelling uitwijken naar de Oude Stadsfeestzaal en dit omwille van de prestigieuze tentoonstelling Los Honores in het teken van het Keizer Karel-jaar.
Onze tentoonstelling was dan ook slechts een kleine tentoonstelling met een beperkt aantal werken, maar met zeer hoge kwaliteit.
In 2002 hielden we dan een hommage aan Jef Leemans, oud-directeur en leraar aan de Koninklijke Portaelsschool van Vilvoorde.
In 2003 lanceerden we een Project op onze tentoonstelling. Het project 50/70 waarin traditionele en hedendaagse kunst elkaar ontmoet hebben in één groot werk van 5,55 op 2,80 meter. Dit werk had slechts één gemene deler : de afmetingen van de werken waren alle 50 op 70 cm. . Ze werden geconstrueerd tot één groot werk, met alle technieken en stijlen door elkaar.
In 2004 werd tijdens de tentoonstelling het project DE STOEL getoond, Hierin werd niet de stoel uitgebeeld, maar werd dit zitmeubel opgewaardeerd tot drager van het kunstwerk.
Een kwinkslag en een glimlach waren dan ook nooit ver weg bij het bekijken van de diverse werken.
Vorig jaar was echter een domper op het enthousiasme van de gilde. Een jaar zonder tentoonstelling van de Lucasgilde was haast ondenkbaar voor de Mechelaars !!
Het was immers reeds van de tweede wereldoorlog geleden dat er nog eens een jaar zonder tentoonstelling was voorbijgegaan.
De diverse zomerprojecten van de stad Mechelen legden echter beslag op de tentoonstellingszalen en de afwerking van het cultuurcentrum zoals het er nu bijligt speelde hierbij ook een rol.
Ondertussen was de gilde echter al zo gegroeid dat een tentoonstelling in een kleinere ruimte dan het Cultuurcentrum haast ondenkelijk geworden was.
Er werd dan ook geopteerd om GEEN tentoonstelling te houden !!
Dit was de allereerste keer op uitzondering van de beide wereldoorlogen. In het lange bestaan van de gilde, nu 123 jaar jong werden er slechts 9 jaren geen tentoonstelling gehouden, nl. 2 maal 4 jaren omwille van de beide oorlogen, en éénmaal omwille van geen voldoende grote zaal voorhanden.
Wij hopen dat iets dergelijks zich niet meer voordoet.
Vanaf 2007 kregen we dan voor de tentoonstelling de hulp van de cultuurfunctionaris van de stad Mechelen. Deze dame maakt zich vooral verdienstelijk tijdens de jurering van de werken en haar medewerking tijdens de opbouw van de tentoonstelling.
Met respect voor elkaars kunst stellen hier dan ook kunstenaars van verschillende generaties naast elkaar tentoon. Ieder volgens zijn eigen opleiding, geaardheid en visie. Klassiek naast abstract, traditioneel naast experimenteel.
Hierbij wordt de kwaliteit niet uit het oog verloren.
Het is echter steeds een uitdaging voor de bestuursleden om van dit uiteenlopend aanbod een coherent geheel te maken en een tentoonstelling op te bouwen die de toeschouwer direct gaat boeien vanaf het moment dat hij de zalen betreedt.
Ook dit jaar hebben we een aantal werken moeten weigeren op de tentoonstelling,
NIET omdat ze niet goed waren, en dat wil ik benadrukken, maar omdat ze een boeiende opbouw van een tentoonstelling zouden schaden.
Het is immers al moeilijk genoeg om een coherente opbouw met werk van zoveel verschillende stijlen mogelijk te maken.
Daarom nogmaals langs deze weg een oproep aan de deelnemers :
Tracht een uniformiteit in de aangeboden werken na te streven en dit zowel qua formaat als techniek.
Dit alleen maakt de opbouw van een interessante tentoonstelling mogelijk en voorkomt teleurstellingen ten gevolge van weigeringen van uw werk .
Jaar na jaar blijft de kwaliteit van de tentoonstelling stijgen. De trouwe bezoeker zal dit jaar na jaar ongetwijfeld reeds gemerkt hebben. Een blik op de catalogus leert ons dat de deelnemers van een ruime omgeving van rond Mechelen komen. Dit jaar zelfs van over de landsgrenzen heen.
Toch zou ik nogmaals willen waarschuwen ! We mogen de aandacht niet laten verslappen !!
We bieden het Mechelse publiek liever een tentoonstelling aan met minder werken dan een tentoonstelling met veel werken maar waarvan er een aantal inferieur van kwaliteit zijn. Iedereen kent wel het verhaal van de ketting en de zwakste schakel.
De Lucasgilde heeft de laatste jaren bewezen dat ze de uitdaging van de 21ste eeuw aankan.
De Lucasgilde blijft, zoals de heer Nobels het in de laatste tentoonstelling zelf zegde, een monument in het Mechelse culturele landschap. Onze jaarlijkse tentoonstellingen blijven telkens weer een evenement waar elke kunstminnaar naar uitkijkt.
Ik verwijs dan ook weer naar de woorden van de heer Nobels in de laatste tentoonstelling als ik de hoop uitdruk dat we onze groots opgezette jaarlijkse tentoonstellingen dan ook kunnen blijven organiseren in het Cultuurcentrum.
In naam van het bestuur dank ik alle exposanten voor hun deelname en wens ik hen van harte proficiat met hun werk.
Ik zou ook mijn bijzondere dank willen richten aan Anne Van de Voorde, cultuurfunctionaris van de stad, om haar bereidwillige en zeer geapprecieerde medewerking tijdens de opbouw van de tentoonstelling.
Ik dank ook u, dames en heren, voor uw welwillende aandacht en uw trouwe aanwezigheid die voor ons toch steeds weer een blijk van waardering is.
Mij rest enkel nog het woord te laten aan de heer Frank Nobels, die beide tentoonstellingen officieel zal openen.
Ik dank u voor uw aandacht,
Hugo Beullens
Voorzitter Lucasgilde.
|